dinsdag 30 september 2008

Filmpje!

Een paar filmpjes waarbij je je in de Twilight Zone waant.
Collegehumor over Wikipedia.



De filmpjes van Collegehumor zijn niet altijd even subtiel maar soms raken ze doel.
Ook de Sarah Palin Disney trailer is geslaagd.
"I found my sons skates this morning, how hard could it be to find Bin Laden?"

Warioland, even helemaal afkijken voor het beste resultaat.



via: zbdigitaal en tweepuntnul

zaterdag 27 september 2008

Lezer af



Ben ik een lezer? Ik heb altijd gedacht van wel, maar tegenwoordig twijfel ik.
Ik lees wel, veel zelfs, maar krijg amper een heel boek uit.
Wat ik lees zijn korte stukken op internet; ik scan, google, volg links en zie zo veel lettertjes voorbij komen.
Maar het predicaat lezer is daar amper op van toepassing.

Schrijverdezes vroeg laatst in een postcommentaar-dialoog of ik iets van Grunberg had gelezen. Tot mijn schaamte moest ik bekennen dat ik alleen enkele columns had gelezen terwijl ik wel nieuwsgierig naar zijn boeken ben. Als dit alleen tot Grunbergs romans zou beperken zou de schade meevallen maar ik heb een heel lijstje schrijvers waar ik eerder over lees dan hun boeken lees.
Dat was vroeger wel anders.

Wat is er aan de hand? Ik heb het natuurlijk druk; sport, blog, studeer, werk en ga uit. Maar dat toch is dat niet het probleem.
De concentratie is weg. De computer is de snoepwinkel met allemaal lekkere hapjes die 'eet mij' roepen en ik kan het amper weerstaan.



Dit verschijnsel kennen meer mensen.
Marjoleine de Vos heeft in haar kritisch stuk over de multitasker een oproep voor de aandacht gedaan.

Niets is heerlijker dan geheel opgaan in wat je aan het doen bent, of dat nu tuinieren is, lezen, luisteren of naar vogels kijken. In plaats van alles tegelijk maar half te doen, is alles achter elkaar enorm veel plezieriger, en efficiënter. (Marjoleine de Vos)


Nicholas Carr zet het in 'is Google us making stupid' nog wat sterker aan.
Het artikel zelf is voor internet-begrippen heel lang (6 pagina's) en illustreert tijdens het lezen al wat het probleem is.
Lange teksten kunnen we niet aan. Hij betoogt dat lezen niet een natuurlijk talent is maar dat we dat door hard werken moeten leren en onderhouden. Dat laatste is door het scannen en snacken van informatie op zijn retour.

De kritieken op dit artikel gaan vooral op Carrs betoonde angst voor nieuwe technologie. Dat de mens daar zijn gebruik op aanpast is niet meer dan logisch.
Voor de boekdrukkunst waren er voordrachtkunstenaars die uit hun hoofd lange voordrachten hielden. Wie kun je daar nu nog om vragen? Laat staan dat iemand er naar wil luisteren.

Maar in plaats daarvan hebben we door de boeken een schat aan informatie gekregen voor iedereen beschikbaar. Hetzelfde geldt voor internet, de mobiele telefoon en tv in sterkere mate.

Toch blijft bij mij de gedachte knagen dat de snoepwinkel die internet heet geweldig is maar dat tegelijkertijd ik ook de andere informatiebronnen moet koesteren.
Wil de eerste Sonja Bakker voor internet opstaan?

vrijdag 26 september 2008

Bronnenlijst aanmaken.

Soms kom ik er achter dat ik iets niet weet en dan hoor je vaak: Waarom weet je dat niet? Moeilijke vraag.

Een collega vroeg aan mij of ik een gemakkelijke manier wist om bibliografische gegevens aan te maken. Ze moest voor haar scriptie de bronnenbeschrijving gaan doen maar had geen zin in het vele typewerk. Ik begon meteen Endnote en Zotero te roepen maar merkte al snel dat ze dat te ingewikkeld vond.
Ik kon haar niet helpen maar de vraag bleef knagen.

Tot ik toevalling op OttoBib stuitte. Dat is precies wat ze bedoelde.
Voer bij OttoBib het isbn-nummer in, klik en voila, alle gegevens netjes op een rij.






Andere schrijfwijze nodig? Ook goed:


OttoBib creëert ook een url die je kan gebruiken bij de bronvermelding.

Het bestaat al lang, dus waarom zou ik er een post aan wijden?
Precies, omdat ik het zelf ook niet wist. Niemand heeft het me verteld.
Dus zal ik deze post veel tags geven die ik tijdens mijn (onfortuinlijke) zoektocht heb gebruikt zodat ook de volgende student het gemakkelijk kan vinden.

Mijn collega had inmiddels alle gegevens al handmatig ingevoerd.

Nog andere handige bibliografische hulpjes:
bibme
EasyBib
Bookrags, hierbij kun je nog handmatig extra gegevens invoeren en daarna exporteren naar een worddoc. Wel registreren.
Hier een flinke lijst via DMOZ

donderdag 25 september 2008

webzoeken in Plain English



CommonCraft heeft weer een ijzersterk filmpje geplaatst.
Dit keer over zoeken op het web. Ze vergelijken zoeken met vissen op de zee. Een mooie vergelijking.

In het filmpje wordt (zoals gewoonlijk) in duidelijke beelden aangegeven wat het voordeel is van het gebruik van "haakjes" of het -minteken bij de zoekactie.
Voor veel mensen zal het bekend zijn, toch geef ik nog regelmatig dit soort eenvoudige adviezen aan anderen.

Het verbaast me wel dat er nu pas een filmpje bij CC is over websearch. Blijkbaar zijn na de uitleg over RSS en Wiki's de filmpjes voor het grote(re) publiek aan de beurt .


dinsdag 23 september 2008

Antropoloog op internet

Als ik een antropoloog zou zijn zou ik internet opgaan en beginnen bij:



Deze timeline toont de berichten over de internethypes.
In mijn vorige post heb ik de NumaNuma-boy beschreven wat een gigantische hit was op internet. En zo blijkt in de korte geschiedenis van het net al veel van deze vreemde berichten te bestaan.
De Internet Memes zet dit netjes op een rijtje. Alles is even goed aanklikbaar waarbij de films en de achtergrond mooi naar voren komen.

Hoe zat het ook alweer met ´leave Britney alone´?
En wel eens van Zombocom of de Peter Pan Guy gehoord?



Inmiddels is de Internet Meme zo populair dat het zelf een meme is geworden. Ik snap dat wel. Het is alsof je in de keuken van de internetgeschiedenis even in de snelkookpan mag kijken.

Nog een link van de New Scientist over het opsporen van internetmemes.

vrijdag 19 september 2008

Identiteit op internet.


Gisteren ben ik naar het KNAW-symposium 'Identiteit in Virtuele Werelden' geweest.

Compleet iemand anders zijn dan wie je bent in het dagelijks leven. Of juist méér jezelf durven laten zien zoals je echt bent. (...) Wetenschappers en kunstenaars pakken de uitdagingen op die virtuele identiteiten, rollen en zelfbeleving bieden.

Identiteitsverschuivingen zijn niet zo nieuw omdat iedereen al regelmatig andere rollen heeft bijvoorbeeld op het werk, thuis, met vrienden, op vakantie enzovoorts. Maar op Second Life kun je je uiterlijk naar eigen inzicht veranderen en daardoor ook je identiteit radicaal veranderen.


Jason Rowe heeft een spierziekte. Door middel van zijn avatar heeft hij een nieuwe identiteit geschapen waarmee hij zich 80 uur per week op internet begeeft. In de game-wereld is hij niet lichamelijk beperkt en wordt hij als volwaardig lid gezien.

Op het symposium werd identiteit en virtualiteit vanuit verschillende hoeken bekeken.

Jos de Mul deed dit vanuit filosofische hoek.
Hij beschreef drie benaderingswijze over de identiteit: logische identiteit, spatio-temporale identiteit en de reflexieve identiteit.

De logische identiteit is een eenvoudige een-op-een benadering. Ik ben ik en niet jij. Mijn tweelingzus lijkt op mij maar heeft niet dezelfde identiteit.

De spatio-temporale identiteit, er is een samenhang tussen lichamelijke en psychische beleving. Bij Second Life belevingen wordt de samenhang tussen lichaam en psyche al uit elkaar gehaald. Maar toch blijken de Second Life bewoners een sterke identificatie met hun avatars te hebben.

Lilith Lunardi
Ilja Leonard Pfeijffer bevestigde dit. Hij identificeerde zich tijdens zijn verblijf op SL sterk met zijn vrouwelijke avatarLilith Lunardi. Als zijn vrouwelijke alterego kon hij zich tamelijk opwinden over het vervelende macho-gedrag van de mannen daar.

De reflexieve identiteit heeft een minder duidelijk karakter. We construeren verhalen en identificeren ons hiermee. Toch is daarmee niet alles over de nieuwe media gezegd omdat het verhalend karakter steeds minder wordt. In Second Life kun je gewoon zijn zonder een verhaal te hebben.
Mul voegt hier het element mogelijkheid toe.
Door je anders voor te doen vergroot je je mogelijkheden. Door je als vrouw in SL te presenteren heb je andere mogelijkheden dan de man die je in real life bent.


Professer choi als Uroo Ahs

Mireille Hildebrandt besprak het verschil tussen Play en Game in de virtuele gemeenschappen. Play is doen alsof zonder beperkingen, regels worden voortdurend veranderd. Het creatieve proces is optimaal. Bij Game staan de regels vast en is het wedstrijdelement belangrijk.
In de virtuele werelden is de vraag of het Play-element verschuift naar Game. Als ABN op SL komt dan worden er ook steeds meer regels geïncorporeerd en betekent dit minder Play?

Ik denk dat het handig kan zijn om regels in te voeren als het nodig is. Op SL wordt er ook met echt geld gehandeld en als daar een afdoende controle op zit lijkt me dat wel zo prettig.
Al beschreeef Karin Spaink de omgang op SL wel vrij utopisch. Ze zei dat ze haar eerste stappen in SL zette ze zich op een first life manier opstelde en mensen wantrouwde die haar aanspraken. Maar het is eigenlijk een hele vriendelijke omgeving met mensen die tijd hebben en contact willen maken. In het begin had ze nog een eenvoudige gratis avatar met gewone kleren en outfit. Een andere ervaren bewoner zei tegen haar:"kom, ga met je mee naar de winkel dan krijg je van mij nieuwe haren". In First Life moet je daar toch niet op ingaan.

Maar hoe zit het dan met virtuele verkrachting en andere misdragingen van avatars? In dit symposium werd kort ingegaan op het vreemde verschijnsel dat een script (computercode) die zorgt dat je avatar dingen doet die jij niet wilt, heftige gevoelens kan oproepen.

Ronald Leenes bracht het privacy-probleem bij sociale netwerken zoals hyves naar voren.
Hij gaf aan dat iedereen die voor 1980 geboren is een digital immigrant is, dus ik ook. De jongeren zijn digital natives. Zij zien internet niet als wonderlijk, nieuw en eng maar zien het als een onderdeel van hun wereld.
De reden dat ik dit blog schrijf is inderdaad vanuit de bewondering voor alle nieuwe mogelijkheden op internet waar ik me aan vergaap.

Het probleem met privacy en digital natives is niet dat ze voorgelicht moeten worden over privacy-problemen maar dat ze zich er niets van aantrekken. Ze weten dat met wat moeite iedereen aan hun gegevens kan komen en dat het ook voor eeuwig bewaard blijft.

Hij illustreerde dit met drie type gebruikers.
1. Stay out. Dit is mijn ruimte (MYSpace) Je hoort hier niet te zijn.

2. I'm proud of myself. Ik hoef niets te verbergen en ik wil het aan iedereen laten zien.

3. None of this is real. Schepping van de betere zelf.


Ik vraag me af hoe we daar nu mee moeten omgaan? Moeten we het gewoon accepteren? Iedereen heeft in zijn tienerjaren wel eens wat gedaan waar je je nu voor schaamt. Dus jongeren niet aanvallen op hun foute zelfportretten als ze solliciteren naar managersfuncties? Lastig hoor. Big brother is niet een onbekende maar scheppen we daarentegen zelf.


Hildebrandt bracht de term unlinkability naar voren. Zorg ervoor dat de verschillende identiteiten niet met elkaar gelinkt worden. Vrijheid voor verschillende identiteiten dus. De pet die je op je werk en in het café op hebt wil je ook niet graag door elkaar halen, dus ook niet op internet.

Als uitsmijter nog even het filmpje waarmee Leenes zijn betoog mee illustreerde. Leenes gaf hiermee aan dat hij tot de digital immigrants hoorde. Deze jongen is hier namelijk heel beroemd mee geworden maar waarom?



Numa Numa song
 
Bookmark and Share